Vergelijken om prestaties te kunnen beoordelen

Hoe bekijken we eigenlijk in het dagelijks leven de kwaliteit? Dat doen we door te vergelijken. De Albert Heijn is duurder dan de Dirk van den Broek, maar daar staat tegenover dat het assortiment breder is. We gaan shoppen en op basis van een vaste standaard vergelijken we. Om medewerkers en burgers te laten beoordelen of er goede resultaten behaald worden is hetzelfde nodig. Op basis van een standaard moet het werk in gemeenten vergeleken worden met andere gemeenten. Dat is voor beleidstaken lastig, maar voor uitvoerende taken als groenbeheer, straatonderhoud en riolering heel goed te doen. In Duitsland zijn daar vergelijkingskringen voor ingesteld. Het begint dan met de vraag wat medewerkers en burgers willen weten om te kunnen beoordelen of er goed werk geleverd wordt. Betrek hen bij de te meten prestaties en kom zo tot een standaard. Ook de financiƫle gegevens zullen op standaard manier geadministreerd moeten worden.

Voor gemeenten die niet zeker van hun kwaliteit zijn, kan het een hele geruststelling zijn om eindelijk te kunnen zien dat de kwaliteit in orde is. Gemeenten met ambitie zullen de vergelijking zeker nodig hebben. Ze weten niet of ze echt presteren. Wellicht is de vergelijking ook een middel om werknemers te belonen voor goed werk. Nu wordt er alleen afgerekend, of erger: wie goed functioneert krijgt meer werk, wie dat niet doet, wordt uit de wind gehouden.

De financiƫle functie blijft bij vergelijking op kwaliteit belangrijk. Het gaat immers om de prijs / kwaliteitsverhouding. Er is verdieping nodig. Cijfers zijn teveel voor mensen aan de top, te weinig voor hen die in hun uitvoerende taak met burgers te maken hebben.